Hier sta ik dan, moederziel alleen op het strand van mijn leven. Ik wil zover mogelijk kunnen kijken tot waar mijn zicht kan reiken. Wat ik echter zie zijn slechts donkere golven die mijn voeten overspoelen. Golven die doorheen de tijd al mijn geluk hebben opgeslokt. Ze lijken me mee te willen trekken, weg uit het universum van leegte, om me vervolgens te doen verdrinken in de geschiedenis van mijn bestaan, zodat ik naar mijzelf kan kijken en kan zien hoe ik de zwarte inkt in het blauwe heldere water laat leeglopen. Wat ben ik nu: de held of het slachtoffer? Vertel het mij want ik leef terwijl de dood in mijn aderen stroomt. Ik voel me als een vogel die zo ver naar de zon vliegt totdat zij in as verandert.

Hier sta ik dan mijn leven onder de loep nemend om te ontdekken hoe donker het was. Ik heb het gif van verdriet en pijn geproefd. Als het kon, had ik iedere ziel het tegengif van geluk en heling gegeven.

Hier sta ik dan, mezelf afvragend of ik ooit de overkant zal bereiken, of ik ooit zal leren hoe ik in deze donkere golven moet zwemmen om de verlichte haven te bereiken.

Hier sta ik dan, dromend van het daglicht van de zon die opkomt om me weer tot leven te wekken. Ik weet immers dat het leven net zoals eb en vloed is, het ene moment brengen ze geluk en vreugde, het andere moment pijn en kwelling.

Hier sta ik dan, maar niet voor altijd.