Het waren slechts dromen,
dromen van een klein meisje die nooit in vervulling zouden gaan.
Bij het ouder worden het besef dat het onbewoonde luchtkastelen waren.
Een jeugd, die veel te snel ontnomen werd.
Een jeugd die als een vervlogen droom aanvoelde.
Was ik teveel? Woog mijn droom te zwaar op de weegschaal?
Was het tegengewicht het wel waard?
De droom zou opgegeven worden, mocht ik dan even kind blijven?
Zoveel vragen, geen antwoord.
Zoveel pijn, geen medicijn.
Zoveel stilte, geen stem.